Het trekken wordt ondertussen een gewoonte. Opstaan, pakken, ontbijten, een snel berichtje met de taxichauffeur om onze oppik te bevestigen. De korte rit is een beetje hectisch door één of andere processie dwars door de straat -feest voor één of andere van de goden; en ik moet grijnzen, dat is het voordeel van een meergodengodsdienst, er is altijd reden om te feesten 😉-.
Aan het haventje kopen we ticketjes voor de overzet, en ik moet weer lachen om de serieus van de zaak. We krijgen stickertjes opgeplakt met de verschillende locaties waar mensen kunnen afstappen (Gili Trawangan, Gili Air of Lombok) en zowaar een claimnummertje voor onze bagage.

Het is een grotere boot dan diegene waarmee we van Bali naar Nusa Penida kwamen, het is dan ook een overzet van 2u. We belanden op het bovendek, in de volle zon. Ik was van plan om te lezen, maar ik laat dat plan al snel weer varen. Eindeloos uitkijken over de zee, luisteren naar het geluid van het water, en me koesteren in de zon; dat kan ik dagenlang achtereen doen, zonder me een moment te vervelen. Ik heb m’n oortjes in, en ik luister naar de playlist die ik met m’n liefje deel, en ik moet bij momenten weer vechten tegen de tranen, omdat gelukkig zijn soms te groot is.


Ik bekijk waar we zijn op Waze, ik zie hierdoor dat we varen aan een snelheid van tussen de 35 en de 40km/u. Ik zoek op hoe diep de zee hier is, en kom tot de ontstellende conclusie dat deze straat dieptes heeft tot 1,5km (!) en heel erg varieert in diepte, wat de stromingen grillig maakt en het navigeren een delicate zaak. On the other hand; deze 'straten' tussen de eilanden zijn blijkbaar ook een thuis voor zowaar 31 soorten walvissen, en het idee dat zij onder ons liggen slapen, maakt het idee van de diepte toch weer minder eng.

En dan komt terug land in zicht, en zien we de Gili Islands naderen. De eilandengroep ligt voor de kust van Lombok, en behoort er ook administratief toe. Het eerste eiland -in volgorde van naderen vanaf Bali- is Gili Trawangan -wat bekend staat als het party-eiland-, dan volgt Gili Meno -wat vooral bekend is om z’n mooie natuur-, en tot slot Gili Air -wat een bekende en favoriete plaats is onder duikers en snorkelaars; omwille van het mooie koraal en de reuzeschildpadden-. Vanop de boot zien we al hoe paradijselijk het is, met mooie witte stranden, grotere luxe villa’s, en plezierbootjes die vrolijk tussen de eilanden heen en weer dobberen of speeden. We houden even halt aan Gili Trawangan om de party-ers af te zetten, en varen dan door naar Gili Air.



Bij aankomst valt ons meteen de vriendelijke atmosfeer op. Veel rust, veel lachende gezichten, geen getoerer. Dat laatste wordt pas echt duidelijk als we een paar straten ver zijn; hier rijden geen auto’s!!!! De 2 belangrijkste vervoermiddelen zijn brommertjes, maar als we ons realiseren dat die zowaar allemaal elektrisch zijn, vallen we helemaal achterover, én ouderwetse karretjes met paarden, die vrolijk klingelend door de straten trekken. De afwezigheid van gemotoriseerd verkeer geeft een ongekende rust. Het eiland voelt toeristisch, maar toch stroomt het niet over van de toeristen, met het easy-going-sfeertje van koffiebarretjes, shopjes, massagesalonnekes (uiteraard), tattooplekjes, juwelen-en-andere-prullewinkelkes, … HEEEEERLIJK. Aan de spreuken die we her en der lezen, blijkt ook de pittige humor, en die kan ik ook wel appreciëren.
We gaan vanzelf trager wandelen, en we zakken helemaal mee in het aangenaam trage tempo waaraan hier wordt geleefd…








We logeren in Beranda, een ecolodge, en het is weer eens een paradijsje, met tafeltjes onder rieten parasollekes, een zwembad, hoge wuivende palmen en lichtjes die vrolijk tussen de bomen hangen. Het is er vooral … erg stil, en de rust is … zo overheersend en zo deugddoend. We slenteren terug door het stadje, gaan iets eten, kijken naar de zee, denken na over de moeilijke keuzes in het leven; eerst zwemmen en dan massage, of eerst massage en dan een zwemmeke? Ooooooffff… eerst zwemmen, dan massage, en dan nog eens zwemmen??



De enige verstoorder van de rust is de moskee. Op Java waren we dat gewoon, op Bali zijn we dat weer helemaal vergeten, maar de Gili Islands zijn blijkbaar hoofdzakelijk Islamitisch, wat 5 keer oproepen tot gebed voor het hele eiland als gevolg heeft. Dat heeft ons op Java nergens gestoord, ook niet om 5u ’s morgens, en we vinden het een beetje gek als alle hostels hier oordopjes verkopen. Maar dan begint de avond-oproep, en wordt het toch duidelijk. De sessie hier duurt werkelijk meer dan 1,5u (help, gaan ze dat om 5u morgenochtend ook doen??) en in plaats van het zachte zingen dat we gewoon zijn, wordt hier meer dan een uur gepreekt. Geen idee wat er gezegd wordt, maar als ze dit hier op die manier echt 5 keer per dag gaan doen, zal ik daar toch nog even aan moeten wennen… Ik haal dus toch maar oordopjes, wat ook helpt om te leven met de ventilator. Geen airco hier (joepi!), maar om ’s nachts slapen mogelijk te maken, moet je wel iets, dus hier draait de hele nacht een luid zoemende ventilator. Hoera voor de oordopjes dus.
Ik doe de upload van onze dag van gisteren, en zit nog eens stomverbaasd naar mijn ontmoeting met een manta ray te kijken. En ondertussen…. beginnen we stiekem toch ook een beetje af te tellen naar onze terugkeer…