Na een paar uur diep slapen worden we voor onze wekker wakker om 23u. Tijd om terug ons gerief samen te rapen, en naar de hotellobby te bellen voor een taxi.

De rit door Muscat is 's avonds nog meer indrukwekkend dan overdag; de grote moskeeën zijn feëeriek verlicht, en alles is zo ontzettend clean dat het een beetje onwerkelijk voelt. In de luchthaven opnieuw veel mannen in spierwitte lange gewaden, veel cleanliness en veel lekkere geur.

Aan de gate krijg ik een niesbui die maar niet wil stoppen, en terwijl ik denk dat ik toch echt ziek word, zwaait een gesluierde vrouw naar mij met pilletjes. Ik krijg zowaar Panadol Extra, goed voor sinuspijn en verstopte neus. Ontzettend lief toch.

Ik sliep niet eerder op een nachtvlucht, maar deze keer blijk ik bij aankomst dwars door 2 maaltijden heen te hebben geslapen. Ik werd enkel wakker om een onwerkelijk aanvoelend landschap te zien buiten; een sprookjesland met een paarse maan. Maar ik voel vooral een immense vermoeidheid, en zelfs een zeker onverschilligheid... ziek dus :(

We landen in Jakarta om 13.30u lokale tijd, en omdat we vooral het Indonesische binnenland willen zien, vertrekken we morgenochtend opnieuw met een binnenvluchtje naar Batu Karas. Het plan was dus om onze namiddag goed te gebruiken, en de sfeer van Jakarta op te snuiven. Maar het zit er niet meer in. We zijn moe, op en ziek.

We nemen een taxi naar ons hotel in Jakarta, Ik weet niet hoe we het geregeld hebben, want we hebben de beste -maar ook wel overbetaalde- taxichauffeur van heel Jakarta. Hij rijdt de hele tijd ongegeneerd over het fietspad, enkel en alleen om ons snel ter plaatse te brengen, mijn gsm in de hand om waze te gebruiken, want een eigen gps heeft hij niet.

Over de rest kan ik kort zijn. We slapen 's middags, we eten iets on the rooftop, en we slapen opnieuw. Ik beleef een hele nacht diep weg in onrustige koortsdromen.